Intieme vreemden

KASK

Wie ben ik, wie is mijn geliefde? Beide vragen zijn nauw verweven en de antwoorden confronteren ons met een onvermijdelijke vervreemding. Onvermijdelijk, maar toch oplosbaar. Dat is niet langer het geval eens we oog in oog komen te staan met ons lichaam, als intiemste onbekende. Het vreemde van ons lijf heeft te maken met krachten die in ons (maar niet alleen in ons) aan het werk zijn waardoor aantrekking en afstoting elkaar afwisselen. Een beschrijving vinden we bij Freud en Schrödinger; begrijpen lukt niet. 

Prof. Paul Verhaeghe is psychoanalyticus en kijkt al jaren naar de manier waarop de moderne mens zich verhoudt tot zichzelf en anderen. Lichamelijkheid speelt een essentiële rol in het uitbouwen van intieme relaties (zowel met onszelf als met anderen) en om vervreemding tegen te gaan. We willen gezien worden, geaaid worden, goed in ons vel zitten. En daartoe moeten we niet alleen intieme relaties met anderen aangaan, maar vooral ons oor bij ons lichaam te luisteren leggen. Dat lichaam liegt niet en geeft ons allerlei signalen, waar we helaas niet altijd naar luisteren. We raken van onszelf vervreemd wanneer we ons identificeren met ideeën die ons van buitenaf, vanuit de cultuur worden opgedrongen. Psychische aandoeningen als anorexia, burn-out of depressie wijzen volgens Verhaeghe op een verstoorde relatie tussen lichaam en geest. Hoe die te herstellen? Als we écht beter voor onszelf leren zorgen, kunnen we ook beter voor andere zorgen en ontstaat er ruimte voor intimiteit. Hoe vinden maatschappelijke problemen hun weerslag in psychologische en psychiatrische problemen? En wat kunnen we daarvan leren?

2de namiddagsessie Lezing